Doorstart is een lelijk woord, dat ga ik niet gebruiken. ‘Oer’ is mooi: de naam van het tijdschrift van Erfgoedcentrum Achterhoek & Liemers en Erfgoedcentrum Zutphen. Even leek het erop dat het ter ziele zou gaan, maar Achterhoek Uitgevers zette zich erachter en daardoor blijft het podium voor inzichtelijke, rijk geïllustreerde artikelen over de lokale en regionale cultuur(geschiedenis) – in de breedste zin van het woord – behouden. Het eerste nummer is vers van de pers. Nou ja, niet het eerste dus: nummer 45. Met daarin onder meer de weerslag van een gesprek met Theo Willemsen, degene die het verleden van de bebouwing en bewoning van een deel van het Terborgse grondgebied huis voor huis in kaart heeft gebracht. En verzameld in enkele kloeke boeken waarvan je – zeker als niet-Terborgenaar – zou kunnen denken: is dat geen saaie kost geworden? Het antwoord luidt: integendeel, het is superinteressant. Dezelfde vraag, hetzelfde antwoord als het over ‘erfgoed’ gaat. En over ‘Oer’. Met onder meer nog bijdragen over het 19e-eeuwse dagboek van de Zieuwentse boer Eimert en missionaris Liudger. Als je je erin verdiept, als je erover leest, ga je met andere, intensere blik naar je leefomgeving kijken. Je wordt een rijker mens.

Voor mij is het bovendien een herinnering aan de tijd dat ik medewerker was van D’n Schaorpaol, de voorloper van Oer, uitgegeven door het Staring Instituut, de voorloper van het Erfgoedcentrum.
De geschiedenis gaat als vanzelf in het heden over. En in de toekomst: vandaag alweer bezig met verhalen die verschijnen in nummer 46 en 47.
achterhoekuitgevers.nl

© 2022 sander grootendorst